Tagarchief: Almere

Waardecreatie: wie profiteert?

Waardecreatie: wie profiteert?


Mooie, uitdagende architectuur kan een grote aantrekkingskracht hebben op mensen met creatieve beroepen. Zo lang de actieve bewoners ook eigenaar zijn van hun woning levert waardecreatie vooral voordeel voor henzelf op. Nadeel is dat nieuwkomers een (te) hoge prijs moeten betalen.

Maar je ziet ook het omgekeerde gebeuren. Een wijk die het niet zo goed doet, kan door de komst van creatieven opbloeien. Uit Amerikaans onderzoek blijkt dat het beter gaat met een wijk als er creatieven (gaan) wonen. Want zij nemen vaak initiatieven om hun buurt aantrekkelijker te maken. Door iets leuks op straat te doen, gaan mensen met elkaar communiceren en dit kan dan de aanleiding zijn voor anderen om ook iets te doen.

De inspanningen van creatieven zie je ook terug in de bestaande wijken van onze grote steden. Wijken gaan bloeien door de grote instroom van jonge bewoners, de creatieven en stadmakers die allerlei initiatieven nemen, sociale ondernemingen starten en publieke ontmoetingsruimtes creëren. Na een tijdje wordt zo’n wijk hip en neemt de interesse van de vastgoedsector toe. De prijzen van huren en woningen stijgen.  Maar dit proces van gentrificatie is vooral in het voordeel van banken, gemeente en vastgoedsector. (1)

waardecreatie_stadmakers_wild_projects_ABN_AMRO

Gecreëerde waarde verdwijnt in de verkeerde zakken

Creatieven en stadmakers creëren  waarde in buurten van steden. Dit levert mooie projecten op, contacten, leefbaarheid, experimenten, je leert organiseren, etc. Maar de energie die zij in buurten steken, kan ook nadelig uitpakken. Omdat een buurt leefbaarder en aantrekkelijker is geworden, stijgen de huren en de prijzen van woningen. De maatschappelijke waarde die zij met hun initiatieven hebben gecreëerd, verdwijnt in de zakken van banken en de verhuurders en verkopers van woningen. Ook de gemeente profiteert want ontvangt een hogere WOZ-waarde.

De creëerde waarde wordt in feite niet eerlijk verdeeld. Zijn de mensen die het meeste energie en waarde hebben gestopt in een wijk uiteindelijk de verliezers? Of geeft het voldoening dat ze in ieder geval een leuke tijd hebben gehad? Je bent een verliezer als na verloop van tijd de huurprijs te hoog wordt voor je inkomen.

Dit is geen oproep aan de stadmakers om dan maar te stoppen met het nemen van initiatieven. Wel wordt het tijd om na te denken over wie nou eigenlijk zou moeten profiteren van de maatschappelijke waardecreatie. En vooral hoe we dat kunnen doen.

Waardecreatie: voorbeelden in wijken


‘Yuppenparadijs: hip en hoogopgeleid neemt Amsterdam over’

Zo luidde Het Parool de alarmbel op 15 februari 2015.  Uit het artikel komen de volgende stukken tekst:

waardecreatie wild projects
van der Pekbuurt Amsterdam-Noord

De Van der Pekbuurt is één van die frontlinies van de zogenoemde gentrificatie, het proces van opwaardering dat zich vanaf de jaren zeventig vanuit de ooit verloederde Jordaan verspreidt over heel Amsterdam. Oude, sleetse buurten worden herontdekt, opgeknapt en ingenomen door nieuwe bewoners.

Hoogleraar sociologie Jan Rath van de Universiteit van Amsterdam: ‘Het gaat in veel opzichten ontzettend goed met Amsterdam. Het is een populaire stad met veel bedrijvigheid. Daardoor is de druk op de stad gigantisch.’

Die voorspoed is natuurlijk een goede zaak, benadrukt Rath, maar het succes heeft een keerzijde. ‘Het gemeentebestuur en de woningcorporaties zijn erop gericht de ‘betere’ mensen in de stad te faciliteren: de bewoners met een hogere opleiding, een hoger inkomen, een hogere WOZ-waarde en een smaak die overeenkomt met de smaak van de beslissers. Het is een ontwikkeling waar de mensen die niet hip, cool en hoogopgeleid zijn niet of nauwelijks van profiteren.’

Die laatste groep komt in toenemende mate in de knel, waarschuwt Rath, want ‘…. een stad heeft ook rafelwijken nodig. Wijken met een goedkope supermarkt en een goedkope drogist in plaats van alweer een taartenarchitect en een mineraalwaterspecialist.’

De keuze om de creatieve klasse ruim baan te geven, leidt volgens de socioloog ironisch genoeg op termijn tot een stad waar steeds minder ruimte is voor creativiteit. ‘Veel creatieven zijn vooral ambachtelijk bezig.

Zij huren een pand dat als gevolg van hun activiteiten enorm in waarde zal vermeerderen. Niet zij profiteren daarvan, maar de eigenaren van de panden.

waardecreatie wild projects Londen
protest in Londen tegen yuppies

De hipsters effenen het pad voor de miljonairs. Want die eigenaren zullen niet nalaten de huren te laten meegroeien met de populariteit van de buurt. Die wordt op den duur juist minder toegankelijk, ook voor de nieuwe creatievelingen.’

Het gevolg van die ontwikkeling is dat de succeslozen, zoals Rath ze omschrijft, langzaam maar zeker uit de stad worden verdreven. ‘Het is een beladen term geworden, maar de bestuurders bedrijven wel degelijk bevolkingspolitiek in de stad. Het heet officieel een zoektocht naar de juiste sociale mix in de wijk, maar het komt er per saldo vooral op neer dat het aantal woningen voor de mensen met de laagste inkomens steeds verder wordt verkleind. Die mensen worden in de komende jaren steeds verder in de richting van de uitgang gedreven, naar een goedkope woning in Purmerend of Almere.’

LEES het hele artikel in Het Parool.

BouwRai Filmwijk Almere


Hieronder een voorbeeld van een wijk waar de kwaliteit van de architectuur vanaf het begin creatieven heeft aangetrokken. Kan in Amsterdam waardecreatie in wijken leiden tot meer ongelijkheid, in de BouwRai Filmwijk in Almere ligt dat toch wat anders.

waardecreatie_Filmwijk_Bouwrai
BouwRai Filmwijk trekt veel bezoekers in 1992

In 1992 werd de Filmwijk geopend, een zogenaamde BouwRai-wijk. Het was een ontdekkingsreis naar toekomstige woningbouw. Architecten zochten naar flexibiliteit en de mogelijkheid om hun ontwerpen te laten meegroeien met toekomstige maatschappelijke veranderingen. Dit was terug te zien in de indeling van de woningen. De Filmwijk kreeg internationale aandacht vooral van bezoekers uit Japan.

De wijk is gebouwd door architecten van naam, zoals Aldo van Eyck, Herman Hertzberger, Liesbeth van der Pol, Frits van Dongen, Sjoerd Soeters, Mecanoo en Benthem & Crouwel.

De foto hierboven doet erg gedateerd aan. Het lijken wel de jaren vijftig, maar de foto is genomen bij de opening van de BouwRai wijk in het voorjaar van 1992.

In de Filmwijk wonen veel creatieve mensen. Wie weet is er een relatie met de grensverleggende architectuur van die tijd. Voer voor architectuurpsychologen, tenminste als die bestaan.

Een bewoner schrijft vele jaren later over de zomer van 1992 het volgende:

Trots als we waren op ons nieuwe huis in de Filmwijk organiseerden mijn vrouw en ik in de zinderende nazomer van 1992 een groot feest. Een parade van creatieve én podiumkunsten. Passend bij al die unieke, fleurige en originele huizen van de BouwRai in dat jaar. Alle bewoners van ons huizenblok en vrienden en familie uit heel Nederland werden uitgenodigd. Het werd een feest dat tot in de nachtelijke uurtjes duurde.

waardecreatie

Creatieve ‘doe het zelvers’

Bewoners van de Filmwijk zijn creatieve doe het zelvers op het gebied van kunst en cultuur. Er wordt heel wat afgeschilderd, niet alleen de huizen maar ook op schildersdoek, muziek gespeeld, geschreven en gezongen.

Sinds het begin van de wijk bestaat de Filmwijkkrant. Al 23 jaar schrijft een wisselend team van schrijvers/journalisten de krant die vier keer per jaar huis-aan-huis wordt verspreid in de Filmwijk. De schrijvers en de bezorgers zijn vrijwilligers uit de wijk. De krant heeft een professionele uiterlijk en staat vol met verhalen, nieuws, foto’s en vaste rubrieken. Een actueel thema is de ontwikkeling van de Floriade.

waardecreatie_wild_projects_Herman_Brusselmans
Herman Brusselmans

Een andere activiteit is het jaarlijks terugkerende Schrijversfestival. In november 2015 komen Redmond O’Hanlon, Nelleke Noordervliet, Ronald Giphart, Jan Terlouw, Wim Daniëls, Bert en Hannah Wagendorp en Artur Japin naar de Filmwijk. De schrijvers nemen plaats aan de keukentafel in evenzoveel woningen. Informatie over deze editie van het festival is terug te vinden op www.schrijversblock.nl.

Herman Brusselmans slaakte een diepe zucht nadat de derde sessie van het Schrijversblock, in een woning aan de Hollywoodlaan, er op zat.

“Pfff, dat is hard werken. Je verzorgt in feite in één keer drie optredens. Ik ben doodmoe. Maar dit is wel leuk om te doen”,

aldus de Gentenaar, die even daarvoor ruim een uur uit eigen werk had voorgedragen en vragen van belangstellenden beantwoord.

Hollywoodlaan_Filmwijk_2017
muziek in de binnentuin Hollywoodlaan Filmwijk sept. 2017

Metropoolregio Amsterdam: er staat veel op het spel

Amsterdam moet de komende 20 jaar 240.000 nieuwe woningen bouwen. Dit is bijna een niet voor te stellen opgave. De druk op Amsterdam neemt in de komende jaren geweldig toe. Dit heeft ook gevolgen voor de metropoolregio Amsterdam en dus ook voor de omliggende gemeenten. Naast de enorme bouwopgave worden ook de eisen op het gebied van energie, water(opvang), technologie, voedselvoorziening, transport en mobiliteit alsmaar hoger. Integrale gebiedsontwikkeling zal voor passende, duurzame en leefbare oplossingen voor die uitdagingen moeten zorgen.

West_Beat_waardecreatie_wild_projects

West Beat in Amsterdam, een gebouw met gedeelde functies

Een van de vragen is hoe we aantrekkelijke en ecologisch efficiënte woon- en werkgebieden met een mix aan functies kunnen ontwikkelen die bovendien in staat zijn om mee te veranderen. Hoe vergroten we de veerkracht van de stedelijke gebieden en wat is daarvoor nodig? Almere heeft ‘een probleem’ omdat de stad is gebaseerd op extreme functiescheiding terwijl de moderne stad juist vraagt om functiemenging. Maar misschien willen Almeerders het liefst alles bij het ‘oude’ laten. De vraag is echter of Almeerders in de toekomst voldoende in staat zijn om te kunnen participeren in de steeds complexer wordende samenleving. Want je werk en je netwerk is steeds meer in de nabije omgeving waar je woont. De architectuur in Amsterdam past zich aan de nieuwe eisen, zoals bijvoorbeeld het gebouw West Beat (zie foto hierboven). In de ‘oude’ opvatting over wonen zijn gebouwen alleen voor de mensen die er wonen en hebben andere buurtbewoners er niets te zoeken.

waardecreatie is dat een gebouw niet alleen voor wonen is, maar ook een plek voor ontmoeting en verbinding

Nieuwe gebouwen hebben in de plint publiek toegankelijke ruimtes waardoor het gebouw iets toevoegt aan de omgeving. In nieuw te bouwen Sluisbuurt moeten projectontwikkelaars de plinten gedurende 10 jaar verhuren voor een betaalbare prijs. Dan kunnen sociale ondernemingen en publieke organisaties starten zodat er een leefbaar stadsdeel ontstaat.

De nieuwe stadsarchitectuur creëert gebouwen met waarde voor de hele buurt.


(1) er is een groot tekort aan studentenwoningen en huurwoningen met een prijs tussen de 600 en 1000 euro. Deskundigen spreken over een nieuwe woningnood in Amsterdam. Elke maand komen er 1000 nieuwe bewoners bij. Omdat er te weinig woningen zijn gebouwd is sprake van groeiende concurrentie op de woningmarkt. Hierdoor stijgen de huurprijzen snel (dit is ook een gevolg van het regeringsbeleid). Mensen met lage inkomens kunnen de hogere huren niet betalen en worden als het ware verbannen naar wijken buiten de ring. Het aantal te bouwen woningen wordt geschat op 240.000.

Share

Filmwijkers en Lumièrepark?

Wat willen Filmwijkers wel en wat niet met het Lumièrepark? 

Het Lumièrepark is een groene zone tussen de huizen in de Filmwijk en het Weerwater. In de afgelopen twintig jaar zijn er plannen gemaakt om er een levendig stadspark van te maken. Het college van B&W van Almere heeft in 2001 de ruimtelijke visie Lumièrepark, Cultuurpark vastgesteld. Dit plan is nooit uitgevoerd. Maar er waren ook bewoners tegen plannen om het park meer inhoud te geven. Zo hebben bewoners in de jaren negentig de plaatsing van De Paviljoens in het Lumièrepark tegen gehouden. Maar ook andere initiatieven zijn door bewoners geblokkeerd. Zoals het gebouw van het architectuurcentrum Casla met een horeca-functie. De Prijsvraag Rondje Weerwater heeft ruim tien jaar later weer nieuwe ideeën opgeleverd. Hieronder staan de meest opvallende plannen voor het park van ‘toen en nu’.

Lumièrepark Cultuurpark: het plan van de gemeente in 2001

In 2001 stelt het college van B&W het plan vast om het Lumièrepark cultureel te ontwikkelen. Met een kunstpaviljoen, een bijzonder horeca paviljoen en een architectuurcentrum. Verder wilde de gemeente in het park een aantal beelden plaatsen.

Volgens het plan zouden in het kunstpaviljoen werken uit de kunstcollectie van Almere worden geëxposeerd. Om kunst in de geest en het elan van de nieuwe polderstad te tonen. In en rond het gebouwtje konden culturele activiteiten worden georganiseerd.

In een drijvend architectuurcentrum zou het CASLa, het architectuurcentrum moeten komen. Het ontwerp Floating Media van twee Franse architecten had de prijsvraag Casa CASLa gewonnen. Het drijvende CASLa-paviljoen zou door een steiger met het Lumièrepark worden verbonden.

Verder was er nog voorzien in een horecapaviljoen op de vaste wal. Het gebouw zou worden ontworpen door Sanaa, de Japanse architecten die jaren later de Schouwburg bouwden. Overdag open voor koffie en een lunch, in de avonden voor kamerconcerten, literaire salons en exposities. Dus allemaal activiteiten die zouden passen bij het culturele karakter van het plan Lumièrepark Cultuurpark. Het was de bedoeling om met de nieuwe programmering nieuwe gebruikers naar het park te trekken. De geplande beeldenroute zou mensen kunnen verleiden uit het stadscentrum naar het park te wandelen. Als laatste voorziening was nog voorzien in een podium voor kleinschalige muziekuitvoeringen en toneelvoorstellingen. Maar ook voor een buurtfeest.

Niet slim

Een mooi plan om van het centrum een meer volwassen stad te maken. Maar het was niet zo slim en helemaal niet nodig om 50 parkeerplaatsen en een parkeerplaats voor een bus in het park te plannen. In het ruim twee keer zo grote Vondelpark in Amsterdam zijn toch ook geen parkeerplaatsen voor bezoekers? Bovendien ligt er tussen het Lumièrepark  en het ziekenhuis een groot parkeerplein. Met deze geplande voorziening gaf de gemeente bewoners munitie om het plan te bestrijden.

Verder staat er in het door het college vastgestelde plan Lumièrepark, Cultuurpark iets opvallends: ‘Door vroegere afspraken van de gemeente met bewoners in de aan het park grenzende appartementen is de realisatie van bouwwerken in het noordelijke helft van het park uitgesloten.’ Dit zijn waarschijnlijk ook de bewoners geweest die de plaatsing van De Paviljoens in de jaren negentig hebben tegen gehouden.

Dit roept een paar vragen op. Kan de gemeente met een beperkt aantal bewoners dit soort vergaande afspraken maken? En hoe lang zijn die eigenlijk geldig? Tot in de eeuwigheid? Kun je de stad nog wel ontwikkelen als er van alles is dichtgetimmerd? En de meest indringende vraag: Waarom heeft B&W het vastgestelde plan nooit uitgevoerd? In het zomernummer hopen we antwoorden op deze vragen te kunnen publiceren.

Nieuwe initiatieven

Gelukkig zijn er steeds Almeerders die met initiatieven proberen meer levendigheid te realiseren. Zoals het idee voor de ontmoetingsplek in het vorige FWK-nummer. Of het chique plan Fête Champêtre van  Berry Koevoets en James Heus, dat zij hebben ingediend voor de Prijsvraag Rondje Weerwater. Zij schrijven:

‘Het Lumièrepark is één van de potentiële gebieden in de stad die de verbinding kan vormen tussen het centrum en de Floriade. Een ‘verborgen parel ’ die zo dicht bij is , maar zover weg lijkt. Juist hier moet een groene loper komen die de fysieke barrière moet doorbreken. Door de route in verschillende subgebieden te verdelen, maakt het aangenamer door dit gebied voort te bewegen. Tevens is er dan keer op keer iets nieuws te beleven . Zowel op het gebied van activiteiten als mede het landschap dat door de seizoenen heen verandert. Het i s dan géén transitiezone meer, maar een verblijfsplek!’

Het plan heeft de volgende onderdelen:

  • langs het water komen platforms, fijne uitzichtpunten voor contact met het weerwater
  • een trap tevens tribune voor muziek en theater met uitzicht op de skyline van de stad
  • een Belvedère, Italiaans voor mooi uitzicht, het hoogste punt van het park
  • hoge grassen en planten zoals in de tuinen van Piet Oudolf
  • een parkvilla zoals Villa Augustus in Dordrecht
  • een plek voor stadstuinieren.

De indieners zijn met hun plan Fête Champêtre een van de winnaars van de Prijsvraag Rondje Weerwater. James Heus vertelt dat zij met dit idee het Weerwater meer het hart van Almere willen maken. Het Lumièrepark biedt daarmee ruimte voor o.a. sport, theater en verdere vormen van recreatie. De Gemeente is volgens James nu aan zet voor het verdere vervolg van het proces. Dit gaat in samenwerking met de andere winnaars van de prijsvraag in een klankbordgroep. De Gemeente heeft hierin een adviserende rol. James: ‘Met het oog op de huidige ontwikkelingen rond de Floriade hopen wij op een mogelijke integratie met het algemene plan dat voor hiervoor is gemaakt.’

Wat willen de Filmwijkers?

Het Platform Filmwijk schrijft in juli 2013 in een brief aan B&W van Almere: ‘Plannen voor (…) het plaatsen van de Paviljoens in het Lumièrepark zijn niet doorgegaan na grote protesten van bewoners. Het lijkt of bewoners zich alleen verdedigend opstellen. Maar uit een wijkpanelonderzoek van het Platform Filmwijk blijkt wel degelijk ook een constructieve opstelling: de vestiging van kleinschalige horeca in het Lumièrepark wordt door de meerderheid niet afgewezen, maar juist wenselijk geacht. Wanneer vanuit een vertrouwensrelatie bewoners om hun mening wordt gevraagd ontstaan er in Almere veel mogelijkheden.’

Hoe nu verder?

Er is nu zo’n twintig jaar een patstelling. Enerzijds B&W van de gemeente die niet doorpakt en anderzijds (groepjes) bewoners die plannen tegenhouden. Er wonen bijna 11.000 mensen in de Filmwijk en in het centrum van de stad een kleine 2000. Hoe kun je ervoor zorgen dat iedereen betrokken wordt en kan meedenken over de invulling van het Lumièrepark? Daarover meer in het zomernummer van de Filmwijkkrant. Reageren kan natuurlijk ook via info@filmwijkkrant.nl

Dit artikel is verschenen in de Filmwijkkrant van april 2015

Gebruikte documenten:

Lumièrepark Cultuurpark. Ruimtelijke visie. Vastgesteld door B&W 13 februari 2001. Gemeente Almere

De Lumièreparkkamer: bloeiende ontmoetingsplek aan het Weerwater. Filmwijkkrant december 2014

Brief van Platform Filmwijk aan B&W van Almere. Onderwerp: Zienswijze conceptnota Kleur aan Groen. 3 juli 2013

Fête champêtre. De verbindende parel tussen het centrum en de Floriade. juni 2014. Te downloaden op www.growinggreencities.nl

Share

Lumièrepark stadspark?

Lumièrepark zou toch een stadspark worden?

Half acht op een mooie avond in de Filmwijk. Het terras van het Paviljoen Filmhelden in het Lumièrepark zit helemaal vol met mensen die koffie, thee of een biertje drinken. De avondzon verwarmt de bezoekers, het Weerwater ligt er rimpelloos bij. Een paar kinderen poelen in het water aan het strandje dat is aangelegd voor het terras. De skyline van het stadscentrum verliest langzaam zijn kleuren door de avondzon. Een singer-songwriter speelt gitaar en zingt eigen composities. Op een tafel worden biologische hamburgers met friet en sla geserveerd. Om half negen begint de nieuwste aflevering van de ‘Bioscoop’, een buurtsoap met de belevenissen van de familie de Gooyer, eigenaar van een vervallen bioscoop. Filmwijkers treden op als acteur. Het is de hele dag al druk geweest in de ‘huiskamer van de Filmwijk’. De prachtige plek in het Lumièrepark is die dag ook gebruikt voor een brainstormsessie door de partners van de Floriade.

In korte tijd is Filmhelden een bloeiende ontmoetingsplek in de Filmwijk geworden. Buurtbewoners organiseren allerlei activiteiten voor en met elkaar.

Dit past in de trend dat burgers steeds meer dingen samen doen. Het Paviljoen Filmhelden ligt midden in de Filmwijk en is gemakkelijk met de fiets te bereiken. Ook rond de ‘huiskamer’ zitten steeds vaker jongeren in het gras met een gitaar, een boek of met studiemateriaal. Het Lumièrepark begint al een beetje op het Vondelpark te lijken.

Lumièrepark
oorspronkelijk ontwerp door Alle Hosper

Het paviljoen Filmhelden

Ontmoeten, zitten, kijken, luisteren, samen koken, proeven, creëren, beleven, vertonen en doen midden in de Filmwijk. Het lijkt op een strandpaviljoen waar je kunt eten en drinken. Maar het is vooral een ontmoetingsplek, dé culturele huiskamer van de Filmwijk. Het kan worden gerund als een buurtonderneming. Bewoners kunnen er vergaderen en workshops organiseren. Met de inkomsten van het café worden culturele activiteiten georganiseerd. Doelgroepen, bijvoorbeeld ouderen, kunnen in de ochtenden aan de slag. Op zaterdag en zondag zijn er speciale activiteiten in het Lumièrepark. Voor ouderen ontmoetingssessies, voor kinderen kinderdisco, op zaterdagavond akoestische sessies. In de Filmwijk stikt het van de muzikale talenten zoals pianisten en gitaristen. Wat zou het leuk zijn om hen een podium te geven. Met kunst aan de muur tonen  Filmwijkers hun eigen kunstwerken. En eens in de maand voert de toneelgroep de buurtsoap de Bioscoop op.

Van en voor bewoners

Hoe ziet het gebouw eruit? Het bestaat uit containers met een overdekte patio. Het is een mobiel gebouw dat tijdelijk –bijvoorbeeld 5 of 10 jaar- kan worden neergezet. Met eten en drinken ‘zonder afval’, dat past bij het doel ‘Almere Stad zonder afval’ van Growing Green Cities. Bijvoorbeeld door de koffieprut te gebruiken voor het kweken van oesterzwammen, die weer dienen als ingrediënt voor tapas. Ook het stadhuis kan meedoen door koffiedik te leveren.

Buurtbewoners en creatieve ondernemers organiseren in en rondom de huiskamer culturele activiteiten. Zo ontstaat een locatie met een brede programmering in het Lumièrepark. Samen met de inzet van de bewoners van de Filmwijk kan het paviljoen Filmhelden een bruisende ontmoetingsplek in de stad worden.

Lumièrepark
ontwerp_Lumièrepark met paviljoen Filmhelden (geel icoon)

Waar?

Het Paviljoen Filmhelden kan aan de rand van het Weerwater in het Lumièrepark worden gevestigd. Ongeveer op de gele hot spot op het kaartje. Een wandelpad van de Schouwburg naar het Lumièrepark verbindt het centrum met de parkkamer. Het pad loopt langs een groene strook met bomen en  kleine baaien met zandstrandjes. Deze speelse rand aan het Weerwater vergroot de aantrekkingskracht van het centrum. En door de bomen heeft de wind minder vrij spel in het stadscentrum.

(gepubliceerd in de Filmwijkkrant van december 2014 – www.filmwijkkrant.nl)

Share

De Paviljoens wordt plek voor talentontwikkeling

De Paviljoens verhuizen van Almere naar Amersfoort

Dit monumentaal en iconisch gebouw krijgt een derde leven als ‘De Nieuwe Stad Paviljoens’.

Terwijl de laatste bewoners hun intrek nemen in de voormalige Prodentfabriek gaan belegger Schipper Bosch en de gemeente Amersfoort verder met de herontwikkeling van het Oliemolenkwartier tot De Nieuwe Stad. Aan de rand van het nieuwe stadspark, dat nu nog een parkeerterrein is, komt een monumentaal iconisch gebouw: De Paviljoens. In dit bijzondere gebouw werd in 1992 in het Duitse Kassel de kunsttentoonstelling Documenta IX gehouden en tot 2013 exposeerde er in Almere wereldberoemde kunstenaars. Nu komt het naar Amersfoort.de paviljoens wildprojects

Vanuit Almere worden De Paviljoens verhuisd naar De Nieuwe Stad. In Almere is gestart met de ontmanteling van het gebouw en aan het einde van het jaar zullen De Paviljoens aan hun derde leven beginnen als De Nieuwe Stad Paviljoens. Met de komst van De Paviljoens wordt kwaliteit en verbondenheid toegevoegd aan De Nieuwe Stad. De Paviljoens staan voor een grote variatie aan architectuur, materiaalkeuze en kwaliteit. Parallel aan de ontwikkeling van De Nieuwe Stad gaan we in De Nieuwe Stad Paviljoens experimenteren met cultuur en ondernemerschap. Het wordt een plek waar talentontwikkeling centraal staat.

Bron: Stadsambassades Nederland

https://www.facebook.com/cityembassiesthenetherlands/photos/a.383603988446819.1073741828.380947432045808/442887345851816/?type=1&theater

Share

Almere in Pakhuis de Zwijger

Een delegatie van creatieve, innovatieve en ondernemende burgers uit Almere bracht op 25 juni een bezoek aan Pakhuis de Zwijger in Amsterdam. Almere was een van de 22 steden die een presentatie gaf over initiatieven van burgers. Dit gebeurde op de kick off meeting van Nieuw Nederland – steden in transitie. Toon Jansen, die de Almeerse delegatie leidde, vertelde de aanwezigen dat steeds meer Almeerders actief zijn in de eigen omgeving. Bijvoorbeeld door het zelf inrichten van een binnentuin zoals op het Cupidohof of het onderhouden van het groen in Hoekwierde. Verder dat Almere bekend staat om het bouwen van eigen huizen in Poort of zelfs van een hele woonwijk zoals de Buitenkans.

wild_projects_pakhuis
Almere in Pakhuis de Zwijger

Pakhuis de Zwijger wil dat elke stad een stadsambassade krijgt, die de initiatieven van onderop zichtbaar maakt en met elkaar verbindt. Het landelijk netwerk van stadsambassades gaat zich richten op stedelijke vraagstukken en innovaties. Door samen te werken worden onderzoek, experimenten en het uitwisselen van ervaringen tussen de steden gestimuleerd.

De bottom-up beweging in Almere kan hier kracht en kennis uithalen en succesformules van elders uitproberen of eigen successen met andere steden ‘delen’. Het zal naar verwachting leiden tot nieuwe initiatieven, bedrijvigheid en samenwerking tussen koplopers in Almere en Nederland. Uiteindelijk streven de aanjagers van dit netwerk naar internationale verbindingen. Zo zijn er al stadsambassades in Berlijn, Boekarest, Buenos Aires, Delhi (India), Detroit, San Francisco en Thessaloniki.

De presentatie van Toon Jansen over Almere is hieronder te downloaden.

Almere4PakhuisdeZwijger-wildprojects220614

wild projects

Share

Verkiezingen en wat dan?

Verkiezingen vandaag voor de gemeenteraden in Nederland. U gaat vast stemmen. Maar wat gaan de lokale politici morgen doen? Hoe kunnen ze de vastgelopen motor weer aan de praat krijgen? Je ziet overal dat burgers het heft in eigen handen nemen. Er is een nieuwe economie van onderop aan het ontstaan. Het zou echter veel sneller kunnen gaan als daarvoor voldoende ruimte is. Alleen al in Amsterdam zijn duizenden jongeren op zoek naar betaalbare woon- en werkruimten. Het wordt tijd dat de nieuwe gemeentebesturen gaan zorgen voor dynamiek aan de onderkant van de samenleving. De bewoners willen, nu de politici nog. Met het onderstaande lijstje kunnen ze voor mij en vele anderen vanaf morgen aan de slag gaan.

verkiezingen

 

Share

Creativiteit belangrijkste eigenschap voor innovatie

Creativiteit is de belangrijkste eigenschap voor innovatie. Een inspirerende omgeving, een stadscentrum met grote aantrekkingskracht, een bloeiende creative industry, een hoge mix van ‘economische’ en culturele activiteiten in het stadscentrum, musea en theaters, gemengd wonen en werken in het centrum, zijn allemaal factoren die zorgen voor een rijke voedingsbodem voor creativiteit, ontwikkeling van talent, innovatie en nieuw ondernemerschap.

ondernemerschap en creativiteit

Almere heeft de uitdagende taak om te zorgen voor fysieke plekken waar bewoners elkaar kunnen ontmoeten. Verder voor broedplaatsen waar mensen met ideeën terecht kunnen.

Creativiteit - wild projects

Het bundelen van kennis en vaardigheden kan leiden tot innovatie en nieuw ondernemerschap. Meer dynamiek in de stad kan nieuwe werkgelegenheid opleveren.

In het onderstaande plaatje is aangegeven hoe een gemeente als Almere kan zorgen dat er meer (fysieke) ruimte ontstaat voor de inwoners om aan de slag te gaan.

creativiteit innovatie wild projects

Wat kan een gemeente doen om creativiteit te stimuleren en faciliteren?

Kunnen stadsbesturen dit stimuleren? Kunnen gemeenten het verschil maken door locaties, broedplaatsen en rafelranden ter beschikking te stellen?creativiteit innovatie wild projects

 

 

 

 

 

 

 

 

Download de presentatie over Kunst en Cultuur in een Smart Society die wild projects in het kader van de bijeenkomst ‘kunst en cultuur in een smart society’ op 12 maart 2014 heeft gegeven in het gebouw Places to work in Almere.

creativiteit innovatie wild projects
presentatie voor New Urban Creatives Almere

Download: visie op creativiteit & innovatie – wild projects mrt14

Share

Gemeente, faciliteer de economie van onderop

Gemeenten kunnen veel meer dan nu gebeurt de economie van onderop stimuleren en faciliteren. Waarom deze oproep?

De sombere perspectieven op de arbeidsmarkt roepen de vraag op waar nog wel groei is van werkgelegenheid. Deze vraag stond in de kop boven een artikel in De Volkskrant van 29 januari 2013. Massa-ontslagen bij banken, verzekeringsbedrijven en in de uitgeverij, geen opdrachten in de bouw, fabrieken die hun poorten sluiten en amper vacatures voor net afgestudeerde jongeren. Ook de detailhandel heeft het zwaar door de crisis. Je ziet het aan de leegstaande winkels. Bovendien verandert door internet het koopgedrag.

De werkgelegenheid zal de komende vijf tot tien jaar niet groeien, aldus arbeidsmarkt specialisten. Tien jaar geleden werden nog ernstige tekorten voorspelt. Maar door de bankencrisis, de bezuinigingen, de huizen- en bouwcrisis, de hoge schulden, lagere inkomens daalt de binnenlandse vraag. Bovendien blijven ouderen langer werken en daarmee valt de vervangingsvraag van nieuwe instromers tegen.

Er blijft dus niet veel anders over dan zelf werk te creëren. Daarom de oproep aan gemeenten om jongeren te stimuleren een eigen bedrijf te starten. Gemeenten kunnen dit faciliteren door betaalbare werkruimten beschikbaar te stellen om te experimenteren, samen te werken, etc.

Do it yourself & work together beweging

De vraag naar goedkope woon- en werkruimte in grote steden is enorm. Amsterdam heeft al 50 broedplaatsen wild projects 3D printervoor creatieve bedrijven maar dat is nog steeds veel te weinig. Steeds meer mensen willen zelf aan de slag om de wereld mooier, duurzamer en socialer te maken. Dit kan variëren van het maken van apps, opzetten van pop-up winkels, stadstuinen en buurtrestaurants (hotspot hutspot in Rotterdam), de tijdelijke invulling van een leegstaand gebouw, het samen bouwen van woningen en het ontwerpen en maken van voorwerpen met 3D printers. Deze beweging van onderop tref je aan in steden, zoals Berlijn, New York, Amsterdam en Eindhoven.

Wat zijn de kenmerken van deze do it yourself & work together economie?

  • het zijn vaak jonge, creatieve en innovatieve ondernemers die hun talenten, kennis en krachten delen en bundelen en
  • uitblinken in het nemen van initiatieven en deze samen met sociaal kapitaal uitvoeren
  • of de ontwikkeling van een product met crowd funding financieren
  • verschillende kennisvelden met elkaar integreren en
  • hun producten en diensten met nieuwe vormen van creativiteit weten te vermarkten (bijv. pop-up stores, tijdelijke locaties)
  • vaak maken ze gebruik maken van wat er al is, zoals gebruikte materialen (sloophout) of ontwikkelen nieuwe materialen, zoals bioplastics (circulaire economy)
  • veel starters zijn verbonden met en spelen in op de behoefte van de lokale/sociale omgeving
  • ze maken gebruik van nieuwe technologieën en de nieuwe maakindustrie (3D cutters en printers in bijv. iFabrica)
  • het is vaak maatwerk en innovatieve / duurzame maakprocessen (de Fair Phone)
  • ze opereren in broedplaatsen en oude industriële gebouwen met nieuwe, coöperatieve werkgemeenschappen en
  • organiseren multi-project activiteiten (zoals het fysieke platform NDSM; maar ook met virtuele platforms). 

Belangrijk is ook de rol van organisaties zoals Mediamatic, Pakhuis de Zwijger en Dutch Design Week die innovatie in Amsterdam en Eindhoven stimuleren.

De beweging van onderop is in het onderstaande schema als onderste laag toegevoegd aan de bestaande economische structuur.

wild projects
nieuwe economische structuur
Hoe kan een gemeente do it yourself & work together stimuleren?
Gemeenten kunnen dit op de volgende manier doen:
Zorg voor betaalbare werkruimten (ca. 300 – 400 € per maand)
Goedkope werkruimten zijn cruciaal voor de opkomst en groei van de economie van onderop. Belangrijk is ook dat de gebouwen in de buurt staan van kennisinstituten, het uitgaansleven, betaalbare woningen en culturele instellingen. De meeste starters beschikken niet over startkapitaal en hebben geen geld voor hoge huren, luxe middelen, dure kantoorinrichtingen en lease auto’s. De ‘do it yourself & work together’ ondernemers moeten het geld dat ze hebben, kunnen investeren in de noodzakelijke productiemiddelen.
Den Haag stimuleert de creatieve sector
Creatieve Stad Den Haag is het programma van gemeente Den Haag, dat de creatieve sector stimuleert en promoot. Het programma heeft 2 zwaartepunten: de economische duurzaamheid van creatieve initiatieven en de zichtbaarheid van de creatieve sector.
De Creatieve Stad Den Haag ziet graag dat creatieven ook succesvol ondernemer worden. Hun ideeën en initiatieven moeten leiden tot een inkomen. Dat stimuleert de Creatieve Stad Den Haag op allerlei manieren. Hoe? Bijvoorbeeld met een subsidie. Ook heeft Den Haag een aantal creatieve panden waar ondernemers tegen een gunstige prijs werk- of atelierruimte kunnen huren.
Wat gebeurt er in Almere?

Almere heeft één broedplaats voor de creatieve sector in het gebouw De Voetnoot. Verder zijn er twee commerciële broedplaatsen voor mkb-bedrijven en zzp’ers. Voor starters zijn er nauwelijks mogelijkheden. Almere heeft veel leegstand maar dit zijn relatief nieuwe gebouwen. De huren zijn veel te hoog voor starters en beginnende bedrijfjes. Een aanzienlijk deel van de jongeren studeert in Amsterdam, Utrecht, Delft en Twente. De vraag is hoe deze jongeren verleid kunnen worden om in Almere een bedrijf te starten. Een lage huurprijs en begeleiding van de start-ups kunnen helpen om dit aantrekkelijk te maken. Andere ingrediënten om de economie van onderop te stimuleren, kunnen zijn: een fonds voor start-ups en een gebouw in het centrum van Almere-Stad waar de jonge ondernemers aan de slag kunnen gaan.

wild projects - 10 start-ups

Share

Broedplaats 2.0

Broedplaats 2.0 kan een antwoord zijn op de grote vraag naar goedkope woon- en werkruimte. Voordat we het plan voor Broedplaats 2.0 presenteren vertel ik eerst iets over de aanleiding voor dit idee.

Energiesubsidies verzwakken Nederlandse economie

De regering subsidieert de traditionele sectoren met miljarden euro’s per jaar. Dit remt de transitie naar een duurzame economie. Het verzwakt bovendien de economie. De bedrijven in deze sectoren hoeven door de riante subsidies niet te investeren in het duurzamer maken van hun productietechnologie. Vanuit geo-strategisch perspectief is het niet zo verstandig om Nederland zo afhankelijk te laten zijn van de leveranciers van fossiele brandstoffen. De ruzies tussen Nederland en Rusland laten zien waar dit toe kan leiden.

wild projects
90 bedrijven goed voor twee derde CO2 uitstoot
Do it yourself

Ondanks de recessie en het kabinetsbeleid is er iets opmerkelijks aan de gang. Er zijn steeds meer burgers die initiatieven nemen. Dit gebeurt in broedplaatsen in de grote steden, op tijdelijke lege plekken of zelfs op onverwachte momenten met zogenaamde pop-up activiteiten. Deze ontwikkeling van onderop wordt vaak aangeduid als de do it yourself economie (1). Vaak werken mensen in een wijk samen met het aanleggen van een stadstuintje of het runnen van een tijdelijk buurtcafé in een leegstaande school. Veel jongeren willen hun eigen werk creëren en zoeken daarvoor goedkope werkplekken.

Een signaal dat deze beweging groeit is de grote vraag naar goedkope woon- en werkruimten in de grote steden. Vooral de vraag naar een woning met een werkruimte is groot. Ik beschouw deze ontwikkeling van onderop als een nieuwe, waardevolle toevoeging aan onze samenleving. Daarbij heb ik de indruk dat politiek Den Haag dit fenomeen nog niet goed in de gaten heeft. Gelukkig stimuleren en faciliteren gemeentebesturen van steden als Eindhoven en Amsterdam deze ontwikkeling van onderop al volop.

In het schema hieronder heb ik de do it yourself economie als nieuwe laag toegevoegd aan de bestaande economische structuur. Weliswaar aan de onderkant maar de bedrijfjes zorgen voor veel dynamiek en leveren (op termijn) ook een bijdrage aan de innovatie in de economie daar boven.

wild projects
nieuwe economische structuur
De lerende economie ontstaat van onderop

Op kunst, kunstonderwijs en cultuur is hard bezuinigd, terwijl creativiteit steeds belangrijker wordt om nieuwe producten te kunnen ontwikkelen. De Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid (WRR) stelt dat onderwijs Nederland uit de achterstandspositie moet halen. Beter onderwijs zorgt namelijk voor een hogere productiviteit, die weer nodig is om Nederland in economische opzicht uit de opgelopen achterstand te halen.

In de vorige blog heb ik geschreven dat ik niet geloof dat ‘de politiek’ in staat is om de kwaliteit van het onderwijs top down te verbeteren. Dit is de afgelopen decennia ook niet of nauwelijks gelukt. Daarom denk ik dat het effectiever is om de beweging van onderop te faciliteren. Veel creatieven en startende ondernemers werken samen en leren van en met elkaar. Organisaties als Pakhuis de Zwijger zijn aanjagers van de economie van onderop. In de broedplaatsen ontstaan vanuit het experiment nieuwe, slimme producten, diensten en effectieve werkprocessen. Daarmee is aan de onderkant van de ‘traditionele’ economie al een lerende economie ontstaan. Als nog meer mensen de mogelijkheid krijgen om hieraan mee te doen zal deze dynamiek van grote waarde worden voor MKB en grote bedrijven.

Broedplaats 2.0: het idee

Broedplaats 2.0 is een broedplaats én innovatiecentrum, wonen én werken bij elkaar, met ontmoetingspleinen, kookplaatsen, indoor- en daktuinen, fitness en sportzalen, pleintjes met café en gemeenschappelijke eetkeuken, werkplaatsen, ateliers en werkruimten in flexibel in te richten gebouwen op basis van vraag naar wonen en werken, in een groene omgeving dicht bij het stadscentrum.

Voor ambitieuze, creatieve, talentvolle, ondernemende mensen die dromen van een betere wereld en willen samen werken op een experimentele en pragmatische wijze aan het ontwikkelen en produceren van innovatieve producten en diensten.

De tekening hieronder geeft een beeld van een indeling van een broedplaats 2.0. Andere variaties zijn ook mogelijk.

wild projects
flexibel in te delen Broedplaats 2.0

Duizenden mensen vragen woon- en werkruimte om zelf aan de slag te kunnen gaan. De do it yourself economie is in de grote steden snel aan het groeien. In de oude industriële gebouwen ontstaat een nieuwe stedelijke maakindustrie. Steden als Amsterdam, Eindhoven en Rotterdam faciliteren dit met het beschikbaar stellen van leegstaande gebouwen.

Maar door de grote vraag naar betaalbare woon- en werkruimten blijft de vraag veel groter dan het aanbod. Dit biedt kansen voor bijvoorbeeld Almere. Er zijn geen oude industriële gebouwen en nieuwe leegstaande gebouwen zijn te duur voor creatieven en starters. Maar Almere kan met het bouwen van nieuwe broedplaatsen 2.0 snel inspelen op de do it yourself economie. Almere kan dan mee profiteren van mensen die zelf producten en diensten creëren.

Met relatief goedkope huren kan Almere talentvolle en ondernemende Amsterdammers verleiden aan de slag te gaan in een Almeerse Broedplaats 2.0!

De broedplaatsen kunnen op basis van de vraag naar woon- en werkruimte flexibel worden ingericht. Als een broedplaats volstroomt, kan met de bouw van een nieuwe broedplaats worden gestart. Zo kan er een creatieve innovatiewijk ontstaan vol met bedrijvigheid.

wild projects
vier broedplaatsen 2.0 bij elkaar in een innovatiewijk
wild projects
een impressie van het ‘pakhuis’ Broedplaats 2.0

(1) De do it yourself economie heeft niet dezelfde betekenis als het begrip participatiesamenleving, dat door het huidige kabinet is gelanceerd. Het eerste is de beweging van onderop waarbij burgers samenwerken om ‘de wereld beter, duurzamer en leuker te maken’. Het tweede kan worden gezien als een -van boven opgelegde- boodschap van het kabinet dat de overheid verwacht dat burgers mee gaan helpen met het verlenen van zorg aan familie en buren. De vraag is of het kabinet met het verkondigen van de participatiesamenleving maatschappelijke betrokkenheid kan stimuleren. Of kan afdwingen door te bezuinigingen op de zorg. 

Hoe kunnen we dit realiseren?

Wordt vervolgd met nieuwe blog met toelichting over de onderstaande optie voor een aanpak.

wild projects

Share

Stop leegstand in Almere

Hoeveel Almeerders zijn op zoek naar betaalbare woon-, werk- en ontspanningsruimte? In Amsterdam zijn al tientallen broedplaatsen die vol zitten met zzp’ers, kunstenaars, designers, architecten, creatieve wetenschappers, technici en ict’ers. Zij werken vaak samen aan het ontwerpen en produceren van nieuwe, innovatieve producten en diensten. Er worden experimenten uitgevoerd met nieuwe, duurzame materialen en geavanceerde technologie, zoals 3D printers.

Maar volgens Urban Resort en andere beheerders van broedplaatsen zijn nog tienduizenden Amsterdammers op zoek naar betaalbare ruimten. Duizenden gebouwen in Amsterdam staan leeg, meer dan 200 van deze gebouwen zijn van de gemeente zelf.

Ook in Almere staan veel gebouwen leeg, ook van de gemeente. Bijvoorbeeld scholen, die erg geschikt zijn voor gebruik door kleine bedrijven en creatieve bewoners/ondernemers. Met een bedrag van 100.000 euro per jaar kan de gemeente 40 units van ca 20-25 m2  beschikbaar stellen. Met dit budget kunnen we de do it yourself economie ook in Almere van de grond krijgen. Dan kunnen creatieve en ondernemende burgers met een aantal gelijkgestemden zelf iets op poten zetten.

Amsterdamse organisaties hebben de volgende petitie opgesteld.

Stop leegstand

1000-den gebouwen in Amsterdam staan leeg, meer dan 200 van deze gebouwen zijn van de gemeente zelf. Tienduizenden Amsterdammers zijn op zoek naar betaalbare woon/werkruimte. Maar Amsterdam zit op slot. Maak Amsterdam weer tot de stad waar alles kan en stel deze leegstaande panden ter beschikking!

wild projects
leegstaande gebouwen in Almere

PETITIE

Wij

Wij zijn vrije ruimtes in de stad, actief op het gebied van creatieve
invulling van leegstaande panden en gebieden: Stichting Urban Resort; De
Vrije Ruimte en de Culturele Stelling van Amsterdam. Zij verenigen de
NDSM-werf, Ruigoord; Landjuweel; ADM; Op de Valreep; Plantage Doklaan;
Slangenpand; Forteiland Pampus; 1800 Roeden; Bajesdorp; Buurtboerderij;
Fort Vijfhuizen; Heesterveld; Het Domijn; Het Veem; Kattenbak; Krux; Nieuw
en Meer; OT301; Pand 14; Rijkshemelvaart; Vondelbunker; Tetterode; Villa
Friekens; Zaal 100; Mobile Arts (Parade)

constateren

Duizenden gebouwen in Amsterdam staan leeg, meer dan 200 van deze gebouwen zijn van de gemeente zelf. De verwachting is dat dit aantal de komende jaren flink zal toenemen. Tienduizenden Amsterdammers zijn op zoek naar betaalbare woon-, werk- en ontspanningsruimten maar Amsterdam zit op slot. Het invullen van de structureel leegstaande gebouwen komt nauwelijks op gang en werkt verloedering in de hand. Het wordt tijd dat het slot er af gaat en de stad wordt opengebroken. Om te beginnen met het leegstaande vastgoed van de gemeente zelf.

en verzoeken

de gemeente om deze leegstaande panden ter beschikking te stellen. Vooral voor activiteiten die er zonder grote ingrepen op korte termijn in kunnen trekken. Daarmee kunt u uw eigen vastgoed behoeden voor verloedering, de rentelasten drukken, nieuwe mogelijkheden verkennen, de eigenaarslasten minimaliseren, wijken verlevendigen, bewoners verantwoordelijkheid geven over hun eigen omgeving en zo de creativiteit in de stad tot volle bloei laten komen.

Deze petitie kunnen bewoners en startende ondernemers ook opstellen en naar het gemeentebestuur van Almere sturen.

———————————————————————————–

Informatie over de petitie via:

http://www.urbanresort.nl/project/detail/Volkskrantgebouw/3

http://www.ndsm.nl/

Share

Slimme gemeenten faciliteren initiatieven van onderop

Slimme gemeenten faciliteren

Burgers en kleine bedrijven nemen steeds meer het heft in eigen handen. Ze wachten niet af tot de overheid met nieuwe beleidsinitiatieven komt, maar gaan zelf aan de slag. Dit zie je op grote schaal gebeuren in steden als New York, Kopenhagen, Berlijn en Amsterdam. Deze steden kennen al een lange geschiedenis van initiatieven van onderop. Wat begon met het kraken van leegstaande gebouwen wordt door de crisis beleid om leegstaande gebouwen opnieuw te gebruiken. De grootste broedplaats van Europa, het NDSM-terrein in Amsterdam-Noord werd decennia geleden gekraakt en is uitgegroeid tot een gewilde plek in Amsterdam. Bedrijven als Hema en VNU hebben er hun hoofdkantoren neergezet. In Amsterdam zijn tientallen broedplaatsen waar honderden kunstenaars en creatieve bedrijven relatief goedkope ruimten huren. In Eindhoven kun je in de Dutch Design Week zien waartoe kleine bedrijven in staat zijn. Onder de 200.000 bezoekers veel Chinezen en Japanners die met een videocamera’s de innovaties vastleggen. Een recente ontwikkeling is het creëren van tijdelijke functies op een lege plek of in een leeg gebouw. Gemeentebestuurders faciliteren dit omdat ze inzien dat tijdelijke projecten ook waarde opleveren.

Er zijn ook steden waar deze ontwikkeling van onderop, ook wel DIY (do it yourself) genoemd, nog nauwelijks van de grond komt. Wonen daar te weinig actieve kunstenaars en creatieve ondernemers? Of zijn er geen broedplaatsen en lege gebouwen? Zijn de huren te hoog? Of te weinig hoogopgeleide inwoners met een creatieve en technische opleiding? Een ding is duidelijk: steden met veel broedplaatsen hebben bijna altijd een (technische) universiteit en een kunst- en designacademie binnen de stadsgrenzen. In Amsterdam en Eindhoven wonen bovendien veel creatieven en jonge designers en technici uit andere steden en landen.

Almere, een relatief jonge stad zonder oude, industriële gebouwen, heeft nog weinig broedplaatsen. Dit kan een hindernis zijn voor creatieve burgers en zzp’ers om samen aan de slag te gaan. Almere kampt bovendien met een braindrain omdat jonge Almeerders in andere steden studeren en daar meestal blijven wonen en werken. Misschien zijn deze jongeren te verleiden door ze een plek aan te bieden in een bruisende broedplaats.

In steden als New York, Berlijn,  Amsterdam en Eindhoven ontstaat in de oude stad de nieuwe stad. In verlaten industriële gebouwen ontwikkelen kunstenaars, architecten, creatieve academici en zzp’ers nieuwe producten. Met laser cutters en 3D printers fabriceren ze unieke, eenmalige  producten. In deze steden is een nieuwe industriële revolutie begonnen die de industrie weer terugbrengt naar de stad.

Afschaffen zelfstandigenaftrek is onverstandige besluit

Gemeenten gaan een moeilijke tijd tegemoet. Uit onderzoek van COELO blijkt dat in 2017 een gat gaapt van 6 miljard euro tussen de verwachte inkomsten en uitgaven van gemeenten. Anders dan de rijksoverheid moeten gemeenten een sluitende begroting maken. Dit betekent dat forse ingrepen onvermijdelijk zijn. De financiële problemen dreigen voor gemeenten nog groter te worden. Het kabinet Rutte II wil namelijk de zelfstandigenaftrek beëindigen. Veel creatieven zijn zzp’er. Een gemiddelde ondernemer verdient € 26.460,- en dit is minder dan modaal (bron: EIM). Als het kabinet vasthoudt aan deze bezuiniging dan betekent dit een inkomensverlies van rond de € 2.700,- per jaar. Voor starters is dit zelfs zo’n € 3.500,-. De zelfstandigenaftrek zorgt ervoor dat ondernemers die ca. € 20.000 per jaar verdienen het financieel nog redden. Ondernemers die € 60.000 verdienen, worden bevoordeeld omdat zij gebruik kunnen maken van fiscaal aftrekbare zaken zoals een auto van de zaak, arbeidsongeschiktheidsverzekering en pensioenopbouw. Afschaf van zelfstandigenaftrek voor zzp’ers  die rond de € 20.000,- per jaar verdienen kan de genadeklap betekenen. Volgens onderzoek kan dat 50% van de creatieve bedrijfjes de kop kosten (bron: de Volkskrant). Zij zullen dan een beroep op bijstand moeten doen. terecht te komen. De rekening komt dan op het bord van de lokale overheid. Gemeenten doen er daarom verstandig aan om zzp’ers te faciliteren en ondersteunen.

Nog meer Blokkers?

Er zijn gemeenten die handelen alsof er geen banken-, huizen-, en eurocrisis is. Ze zijn vooral bezig met weer een nieuw winkelcentrum en het binnenhalen van de zoveelste Blokker. Gelukkig zijn er ook steden die kunstenaars, industrieel ontwerpers, creatieve bedrijven en zzp’ers helpen met het beschikbaar stellen van leegstaande gebouwen. Met relatief goedkope huren werken creatieven en kleine bedrijven in voormalige industriële gebouwen. Het creëren van maatschappelijke meerwaarde speelt zich af in het gebied tussen vrije kunst en techniek. Met computergestuurde machines zoals 3D printers ontstaat een nieuwe, stedelijke industrie.

Voor lichtpuntjes in de economie en samenleving moeten we niet op het Binnenhof in Den Haag zijn maar lokaal in Nederland. Steeds meer burgers en kleine bedrijven nemen het heft in eigen handen. Dit zie je vooral in omgevingen waar creatieven en hoogopgeleide mensen elkaar gemakkelijk kunnen ontmoeten. Politici en ambtenaren kunnen de doorslag geven of de initiatieven van onderop succes hebben. Niet door het geven van subsidie maar door leegstaande gebouwen beschikbaar te stellen. Ook woningbouwcorporaties dragen bij aan het succes hiervan. Vaak zie je dat bestuurders eerst initiatieven op een bepaalde plek gedogen en daarna gaan ondersteunen. Het gaat vaak niet zonder slag of stoot. Het komt voor dat een wethouder goedkeuring verleent maar dat de ambtenaren niet willen uitvoeren. Het gebeurt ook andersom. Ambtenaren die het wel zien zitten maar bestuurders vasthouden aan klassiek beleid.

Voorbeelden voor initiatieven van onderop zijn:

  • Burgerinitiatieven zoals energie coöperaties, pop-up activiteiten, buurtactiviteiten, e.d.
  • Oprichten van zorgbedrijven zonder managers
  • zzp’ers die samen werken om nieuwe producten te ontwikkelen
  • Innovatieve en creatieve projectorganisaties zoals Mediamatic, Pakhuis de Zwijger en Dutch Design Week die innovatie bevorderen
  • Het beschikbaar stellen van computergestuurde machines zoals laser cutters en 3D printers waardoor zzp’ers gebruik kunnen maken van geavanceerde machines

Doorslaggevend voor innovatie en economische succes van onderop is de beschikbaarheid over goedkope ateliers, werkplaatsen en kantoren waar verschillende disciplines met elkaar kunnen experimenteren en samenwerken.

Ultimaker
voorbeeld van een 3D printer
Amsterdam Maker Festival

We staan aan het begin van een revolutionaire nieuwe manier van produceren. Met de hulp van nieuwe middelen als 3D-printers, plasmasnijders, techstoffen, open source elektronica en ingenieuze powertools kun je alles maken wat je bedenkt. Of je nu kok bent of techneut, mode-ontwerper of kunstenaar. Makers bepalen hoe de wereld er uit ziet. Makers zijn het levende bewijs dat maken leuk en nuttig is. Makers zijn van alle leeftijden en komen overal vandaan. Overal in de wereld komen nu onafhankelijke en community-driven Maker Festivals of Maker Fairs op. De ‘Maker Movement’ heeft nu ook Nederland bereikt. In Nederland zijn er (of zijn er serieuze plannen voor) Maker Festivals in Groningen, Twente, Limburg en Amsterdam. Het Amsterdam Maker Festival werkt nauw samen met deze andere festival en initiatieven.

De nieuwe ‘maak’plaats iFabrica

In het oude Stork-gebouw in Amsterdam-Noord is iFabrica gevestigd. Dit is een open werkplaats en atelier voor kleine ondernemers, creatievelingen, hobbyisten en studenten met apparatuur en materialen die zij in hun eentje nooit zouden kunnen veroorloven. In de ruimtes van iFabrica staan professionele machines en gereedschappen voor de bewerking van onder andere hout, metaal, kunststof en textiel. Paradepaardjes zijn natuurlijk de 3D-printers en de CNC-gestuurde machines zoals houtfrees- plasma- en lasersnijders. Maar iFabrica heeft ook alle vertrouwde classics in huis; van draaibanken tot naaimachines en handgereedschap. Omdat er een grote diversiteit aan makers in iFabrica aan het werk is, inspireren en helpen zij elkaar en kan iFabrica uitgroeien tot een community van makers. In de werkplaats (zie foto) wordt gewerkt aan de renovatie van een ‘antieke’ inpakmachine voor chocolade repen.

 

wild projects

De nieuwe maakindustrie In de voormalige Stork fabriek

 

 

 

In de broed- en maakplaatsen begint de nieuwe industriële revolutie

In Amsterdam, Eindhoven, Rotterdam en Utrecht zijn vele tientallen broedplaatsen boordevol kunstenaars en zzp’ers die maatschappelijke waarde creëren. In de steden met veel broedplaatsen ontstaan nieuwe thematische broedplaatsen. Zoals het oude Shell lab in Amsterdam-Noord dat zich gaat richten op multimedia en gaming bedrijven. In New York en Eindhoven zijn leegstaande gebouwen ingericht als ‘maak’plaatsen met 3-D printers. De 3D printers in de Eindhovense maakfabriek worden gebruikt voor het printen van complexe producten voor ASML en Philips. Deze grote bedrijven profiteren van de innovatieve houding van kunstenaar en designers die de 3D printers in de afgelopen jaren hebben ontwikkeld. Een Nederlands bedrijf is een van de marktleiders in de wereld voor de verkoop van betaalbare 3D printers.

In Amsterdam heeft iFabrica onlangs een oude Stork-fabriek ingericht met computergestuurde machines voor mensen die iets willen maken. Een ander opvallend aspect is dat nieuwe broedplaatsen kunstenaars en bedrijven selecteren op hun houding om samen te werken. Als je alleen je eigen ding wil doen is er geen plaats voor je in het gebouw. Dit beleid is een gevolg van de ervaring dat nieuwe bedrijven vooral combinaties zijn van creativiteit en het verbinden van verschillende disciplines. Zo experimenteren microbiologen en architecten met nieuwe, duurzame materialen in de Van Genthallen van Mediamatic. En wat te denken van een Amsterdams architectenbureau dat een compleet huis met een 3D-printer bouwt. Deze initiatieven zijn mogelijk omdat gemeenten en andere partijen zorgen dat creatieve, ondernemende mensen aan de slag kunnen in gebouwen met relatief lage huren. Slimme gemeenten faciliteren initiatieven van onderop al is het alleen maar om een nieuwe financiële tegenvaller te voorkomen.

Share

Faciliterende gemeenten voorkomen nieuwe crisis

Faciliterende gemeenten helpen kunstenaars, industrieel ontwerpers, creatieve bedrijven en zzp’ers door het beschikbaar stellen van leegstaande gebouwen

Burgers en kleine bedrijven nemen steeds meer het heft in eigen handen. Ze wachten niet af tot de overheid met nieuwe beleidsinitiatieven komt, maar gaan zelf aan de slag. Dit zie je op grote schaal gebeuren in steden als New York, Kopenhagen, Berlijn en Amsterdam. Deze steden kennen al een lange geschiedenis van initiatieven van onderop. Wat begon met het kraken van leegstaande gebouwen wordt door de crisis beleid om leegstaande gebouwen opnieuw te gebruiken. De grootste broedplaats van Europa, het NDSM-terrein in Amsterdam-Noord werd decennia geleden gekraakt en is uitgegroeid tot een gewilde plek in Amsterdam. Bedrijven als Hema en VNU hebben er hun hoofdkantoren neergezet. Een recente ontwikkeling is het creëren van tijdelijke functies op een lege plek in de stad of in een leeg gebouw. Gemeentebestuurders faciliteren dit omdat ze inzien dat tijdelijke projecten ook waarde opleveren. In Amsterdam zijn tientallen broedplaatsen waar honderden kunstenaars en creatieve bedrijven relatief goedkope ruimten huren. Maar er zijn ook nog gemeenten waar dit zeer moeizaam gaat. Bestuurders en ambtenaren begrijpen blijkbaar nog onvoldoende wat de betekenis en meerwaarde van de creatieve bedrijvigheid van burgers kan zijn. In steden als New York, Berlijn en Amsterdam ontstaat in de oude stad de nieuwe stad. In verlaten industriële gebouwen ontwikkelen kunstenaars, architecten, creatieve academici en zzp’ers nieuwe producten. Met laser cutters en 3D printers fabriceren ze unieke, eenmalige  producten. Zo ontstaat in de oude, door de ‘moderne’ economie verlaten stad een nieuwe industriële revolutie.

Nog meer Blokkers?

Veel gemeenten denken en handelen nog steeds alsof er geen banken- en eurocrisis is geweest. Ze zijn vooral bezig met weer een nieuw winkelcentrum en het binnenhalen van de zoveelste Blokker. Gelukkig zijn er ook steden die kunstenaars, industrieel ontwerpers, creatieve bedrijven en zzp’ers helpen met het beschikbaar stellen van leegstaande gebouwen. Met relatief goedkope huren werken creatieven en kleine bedrijven in voormalige industriële gebouwen. Zo ontstaat in de oude stad de nieuwe stad. Het creëren van maatschappelijke meerwaarde speelt zich af in het gebied tussen vrije kunst en techniek. Met computergestuurde machines zoals 3D printers ontstaat er een nieuwe, stedelijke industrie. Met het faciliteren van creatieve en innovatieve initiatieven van onderop kunnen gemeenten voorkomen dat het gat van 6 miljard een nieuwe crisis wordt.

Een uitgebreide blog wordt in oktober gepubliceerd op www.jansenverder.nl

Share

De bottom-up stad

De bottom-up stad is in volle ontwikkeling

Op 12 juli las ik in een email van Pakhuis de Zwijger over ‘Mensen maken de stad’ het volgende: ‘De nieuwe stad wordt niet gepland vanuit directiekamers van projectontwikkelaars en beleidsmakers, maar gemaakt door al die kleine en grote initiatieven waar bewoners iedere dag weer samen aan bouwen. Want juist die initiatieven geven de stad en haar bewoners hun energie, hun unieke karakter en hun gevoel bij elkaar te horen.’

In de email staan de volgende inspirerende onderwerpen: ‘Veel initiatieven gingen over eerlijk eten. Het devies: meer bewustwording, terug naar eigen regio en duurzamer geproduceerd. Van een gastronomische do-it-yourself-supermarkt waar bewoners zelf hun producten mogen komen bewerken tot de Tostifabriek waarin midden in de stad – van de varkensslacht tot het smeren – het hele proces van tosti’s maken wordt gedemonstreerd. En recent nog:  DAMn Food Waste , die met vijfduizend gratis maaltijden op het Museumplein aandacht vroeg voor de grote hoeveelheden voedsel die wij ieder jaar weer in de kliko gooien.

Mensen maken de stad ook met stenen: zelfbouw is een serieuze concurrent aan het worden van corporaties en projectontwikkelaars. Ga maar eens kijken in de Houthavens , op IJburg of op het  Zeeburgereiland (of in Almere-Poort). Een veelbelovende oplossing voor de gestagneerde woningbouwsector.

wild projects
winnaar mooiste zelfbouwhuis Almere Poort

Initiatiefrijke bewoners maakten ook slim gebruik van de grote leegstand in de stad. Zo kwam Studio BG in Bos en Lommer beschikbaar voor kleine bedrijfjes, stichtingen en andere initiatieven; opende een nieuwe broedplaats voor media-technologie haar deuren in het oude Shell laboratorium in Amsterdam-Noord en mochten creatievelingen een deel van de Heesterveld in Zuidoost naar eigen inzicht vormgeven en bewonen. En dan hebben we het nog niet eens gehad over al die festivals in de stad voor en door bewoners: van Rollende Keukens tot Magneetfestival, of al die huiskamerrestaurants, wijk-ondernemingen en initiatieven die de stad of buurt schoner, duurzamer en leefbaarder willen maken.’ Bron: www.dezwijger.nl

Kortom: de bottom-up stad leeft. Dit proces zie je ook in andere grote steden zoals in Rotterdam, Eindhoven en Utrecht. Overheden en bedrijven kunnen van dit proces leren. Want deze initiatieven kunnen de voorbode zijn van een nieuwe manier van organiseren en produceren op basis van nieuwe waarden. Dat innovatie van onderop komt is, komt wel vaker voor in perioden van crisis. Maar dit keer kan dit wel eens een structureel karakter krijgen. Want steeds meer hoogopgeleide mensen willen het heft in eigen handen nemen omdat overheden en bedrijven niet leveren wat zij vinden dat nodig is. Daarnaast zijn nieuwe technologieën, zoals 3D-printing, steeds vaker kleinschalig toe te passen. Verder zien we senioren niet meer achter de geraniums zitten, maar een actieve rol spelen in de samenleving.

Share

2,5 miljoen euro voor een Amerikaans hotel in Almere?

De gemeente Almere is van plan om 2,5 miljoen euro te geven aan een Amerikaanse hotelketen om Alnovum te verbouwen tot hotel. GroenLinks heeft hierover vragen gesteld aan het college, zo meldde de krant Almere Vandaag op 5 juli. Wat wil de gemeente hiermee bereiken? De gemeente is eigenaar van het pand en zal waarschijnlijk huur van deze Amerikaanse multinational ontvangen. Het is natuurlijk goed om arbeidsplaatsen te creëren voor laaggeschoolde mensen. Maar de kans is groot dat zij als flexwerkers met tijdelijke contracten worden ingezet voor het schoonmaken van kamers en het opmaken van bedden. Daarmee zal deze 2,5 miljoen euro zal niet zorgen voor een structurele versterking van de lokale economie.  Wat zijn eigenlijk de argumenten van het college om dit bedrag over te maken aan de kapitaalkrachtige hotelketen met duizenden hotels wereldwijd? Op de website van de gemeente Almere is geen document over dit voornemen te vinden. Waarom wordt dit bedrag niet besteed aan een structurele investering in werkgelegenheid? Bijvoorbeeld voor de huisvesting van start-ups? Veel jongeren uit Almere studeren in Amsterdam, Utrecht, Delft, Eindhoven en Twente. De kans is groot dat zij blijven hangen in deze plaatsen omdat zij daar meer kans hebben op een baan. Bovendien hebben de universiteiten en hogescholen faciliteiten voor het starten van een bedrijf. Almere kan de 2,5 miljoen euro beter inzetten om jongeren te verleiden in hun oorspronkelijk woonplaats een bedrijf te starten. Dit kan met het aanbieden van ‘eerste jaar gratis huisvesting’, lage huurprijzen en het geven van begeleiding. Ondernemers in Almere zullen vast en zeker ook bereid zijn om als mentor van starters op te treden. De gemeente Almere kan met dit bedrag dus veel meer waarde realiseren dan het weg te geven aan een Amerikaanse multinational.wild projects

Share

Banen creëren in Almere: begin daarmee op de basisschool

Onlangs kreeg wethouder Ben Scholten van Almere veel kritiek te verduren over zijn 100.000 banenplan voor Almere. Volgens de lokale krant AlmereVandaag lukt het wethouder Ben Scholten maar niet om de hele gemeenteraad achter zijn beleid te krijgen. Met name GroenLinks vindt dat het geld – inmiddels ruim twee miljoen euro – niet goed is besteed door onder meer de Economic Development Board Almere.  Aan de zoektocht naar 100.000 banen zijn pas 24 banen ontstaan. De wethouder vond dat hij de raad beter moet zien te overtuigen, maar stelde dat een lastige materie is.  Scholten vindt dat raadsleden soms best wat verder mogen kijken: ‘Dit beleid is voor de lange termijn.’

De overheid, of het nu de landelijke of een gemeentelijke overheid is, is nauwelijks in staat om nieuwe banen te creëren. In Duitsland zijn 380.000 nieuwe banen ontstaan in de sector van duurzame energie. Dat hebben bedrijven gedaan, maar de nationale overheid heeft dit met het feed-in beleid voor groene stroom mogelijk gemaakt. De taak van een overheid is vooral het faciliteren van economische en sociale activiteiten, het geven van fiscale prikkels, het beschikbaar stellen van goedkope ruimtes voor starters, het oprichten van creatieve broedplaatsen, etc. Dit soort zaken gebeuren ook in Almere. Toch ontstaan er maar weinig banen. Dus zitten de obstakels ergens anders.

Wethouder Scholten stelt terecht dat het beleid voor de lange termijn is. Daar ben ik het mee eens. Ik zou echter de focus en activiteiten veel meer op jongeren in Almere richten. Zij kunnen ondernemender en innovatiever worden als je dat al op jonge leeftijd stimuleert. Ik zou willen dat elke scholier in Almere een ondernemers- en innovatiebrevet haalt door ze spannende opdrachten te laten uitvoeren. In groep 8 van de basisschool zou dit goed kunnen. Ze mogen natuurlijk ook zelf iets bedenken. De ervaring dat het leuk is om iets te creëren en construeren kan het begin zijn van later ondernemerschap. Het is belangrijk om nieuwsgierigheid aan te moedigen. Dit kan met een opdracht om iets uit te zoeken of zelf iets te bedenken, te ontwerpen en te maken en vervolgens te kijken hoe je dit kunt realiseren. Daarbij is het belangrijk dat leerlingen in kleine groepjes samen werken zodat ze kunnen leren gebruik te maken van elkaars talenten. De beoordeling van de projecten gebeurt door het uitnodigen van een ondernemer in de klas. Het mes snijdt aan twee kanten. De leerlingen horen het verhaal van een ‘echte’ ondernemer en kunnen hem of haar vragen of zij bijvoorbeeld duurzaam ondernemen. De kritische vragen kunnen een ondernemer ook een zetje geven om daar meer mee te doen. Het is de bedoeling om de jongeren in het voorgezet onderwijs een tweede proef te laten doen.

Deze visie hebben we rond 2004 onder de naam ‘Spinlab’ uitgewerkt in een voorstel en ondersteuning gekregen van de Stichting Nederland Kennisland. Nog steeds proberen overheden banen te creëren, maar slagen daar nauwelijks in. Wij denken dat de voedingsbodem voor het creëren van banen al op jonge leeftijd kan worden gelegd met aanpakken zoals het ‘Spinlab’. Veel meer jongeren moeten het leuk gaan vinden om zelf te creëren en construeren. in de laatste twintig, dertig jaar zijn veel nieuwe bedrijven ontstaan doordat de oprichters het ‘leuk’ vinden en een ‘uitdaging’ om een nieuw product op de markt te zetten. Ze weten vaak precies ‘waarom’ ze dat doen. Met een aanpak als het Spinlab kunnen jongeren ervaren dat het leuk is om iets te bedenken en maken. Daarmee kan ondernemerschap en innovatie in het DNA van de jongeren in Almere gaan zitten. Dat is de basis voor een beleid voor de lange termijn dat past bij een growing green city als Almere!

Share